Spring naar inhoud

Wat is co-creatie eigenlijk echt?

02/03/2010

Co-creatie vs. crowd-sourcing

De mening over de juiste definitie van het begrip ‘co-creatie’ zijn behoorlijk verdeeld. Mensen die werkzaam zijn in de communicatie- en marketingbranche voeren sinds de explosief gegroeide populariteit heftige discussies over het begrip. Volgens sommigen is crowsourcing hetzelfde als co-creatie. Eerstgenoemde is de benaming voor het inschakelen van een grote groep niet gespecificeerde personen om ideeën aan te leveren op het gebied van innovatie, beleidsvorming en onderzoek. De individuen die hier voor worden ingeschakeld variëren van professionals tot vrijwilligers of andere geïnteresseerden. Een belangrijk kenmerk van crowdsourcing is dat er simpelweg informatie bij de deelnemers vandaan wordt gehaald. De deelnemers creëren waarde voor een organisatie maar de organisatie gaat geen volwaardig dialoog aan. Om deze reden is er geen sprake van een volwaardige samenwerking. Dit is precies het knelpunt. Co-creatie is gebaseerd op een duurzame manier de dialoog aan te gaan met externe groepen, waarbij het om wederzijds respect gaat. Crowdsourcing is volgens kenners niet meer dan een gemoderniseerde uitvoering van de traditionele ideeënbus.

Een veelvuldig genoemd voorbeeld van crowdsourcing is Battle of Concepts. Dit is een online platform waar bedrijven zich aan kunnen melden om studenten en jonge professionals mee te laten denken over vraagstukken. Bekende merken zoals Fortis, Nationale Nederlanden, Eneco, Pro-Rail en het Astmafonds zijn voorbeelden van organisatie die aan dit concept hebben deelgenomen.

Afbeelding 1: Battle of Concepts

Vraagstukken worden als case op de voorpagina geplaatst waarna deelnemers hun ideeën in de vorm van een concept op kunnen sturen naar de website. Vervolgens worden de concepten zonder inzage anoniem door gestuurd naar de organisatie die het geplaatst heeft. Deelname is gratis en het winnende concept wordt beloond met een aanzienlijk geldbedrag.
Veel mensen komen met dit voorbeeld wanneer er gesproken wordt over co-creatie. Maar vanwege het ontbreken van interactie tussen organisatie en deelnemende partij is dit een voorbeeld van crowdsourcing.

Het verschil tussen crowsourcing en co-creatie is inmiddels wel duidelijk. Nu rest nog de vraag hoe goede co-creatie in de praktijk wordt uitgevoerd. Voordat een organisatie aan de slag gaat met co-creatie is het aan te raden om rekening te houden met de 3 p’s:

• Platform (virtueel)
• Programma (motivatie)
• Proces (ondersteunend)

Allereerst dient er dus een platform ingericht te worden waar de co-creatie plaats kan vinden. Daarnaast moet er nagedacht worden over een programma om de deelnemers duurzaam te motiveren zodat ze af maken waar ze aan beginnen. Uiteraard is het in het leven roepen van een beloning een voor de hand liggend voorbeeld. Toch is dit niet altijd de beste keuze aangezien de deelnemende partij vaak een diepgaande verbinding heeft met het merk en meer geïnteresseerd is in zijn/haar ideeën terug te vinden in het product. Verder is het van belang dat er een goed ondersteunend proces wordt ingericht waarmee de samenwerking dynamisch van aard wordt. Deelnemers raken gemotiveerd van gegarandeerde en regelmatige feedback.

Een goed voorbeeld van co-creatie is de samenwerking tussen Libelle en Senseo om externe individuen in te schakelen om samen met experts van het koffiemerk een nieuwe smaak en verpakking te bedenken voor nieuwe koffiepads.

Afbeelding 2: Libelle en Senseo

Via de website van beide partijen en het magazine worden vanaf begin December 2009 deelnemers geselecteerd als testpanel voor de nieuwe koffiepad-variant. De geselecteerden proeven verschillende smaken en mogen meedenken over de nieuwe verpakking. Hun ervaringen tijdens dit proces plaatsen ze op de website van de Libelle. Via deze werkwijze wordt er gebruik gemaakt van de inzichten van deelnemers en ontstaat er binding met de consument omdat klanten inzage krijgen in de werkwijze van de organisatie.

Een ander goed voorbeeld is de Dell Idea Storm. Dit is een online community waar mensen ideeën over Dell-producten en –diensten kunnen plaatsen. Er zijn twee managers in het leven geroepen die fulltime inhoudelijk reageren op de reacties van gebruikers. Zij zorgen er tevens voor dat de juiste inhoudelijke experts worden betrokken om de ideeën naar een professioneel plan te trekken.

Afbeelding 3: Dell Idea Storm

Naast nieuwe inzichten is dit concept ook zeer positief gebleken voor de slechte publiciteit die rondom het computermerk hing. De organisatie laat nu zien dat het luistert naar zijn klanten. Een belangrijke motivatie voor gebruikers om mee te doen is de behoefte dat het merk actie onderneemt op het gebied van productverbetering.
Een vergelijkbaar concept is KLM Bluelab. Op dit online innovatieplatform gaat de vliegtuigmaatschappij de dialoog aan met zakelijke klanten. Ook hier kunnen ideeën en suggesties op de website geplaatst worden waarna de beste geselecteerd worden en in samenwerking met professionals worden uitgevoerd.

Afbeelding 4: KLM Bluelab

De diensten van KLM kunnen dankzij de ideeën van deelnemers verbeterd worden en de kans op negatieve berichten in de vorm van user generated content op websites wordt verkleind. Na het grote succes is er inmiddels ook een klein zusje gelanceerd: KLM Bluelab Agent. Hier praten Nederlandse reisagenten mee over de dienstverlening naar hen zelf en de eindklanten. Voor alle ideeën worden haalbaarheidsstudies verricht om te bekijken welke ideeën daadwerkelijk uitgevoerd kunnen worden.
Uit onderzoek blijkt dat de grootste drijfveer voor consumenten om mee te doen aan co-creatie product gerelateerde motieven zijn. Vaak hebben ze problemen of frustraties over bepaalde aspecten van een product en hopen deze kwijt te raken door mee te denken aan oplossingen. Vaak is dit meer waardevol dan een beloning in geld. Deze insteek is de basis van het succes van het volgende voorbeeld. Namelijk, Nokia Beta Labs.

Afbeelding 5: Nokia Beta Labs

Alhoewel deelnemers beloond worden met nieuwe toestellen en gadgets blijkt dit niet de voornaamste reden zijn om mee te denken aan verbeteringen aan producten. In de meeste gevallen doen deelnemers zelfs belangeloos mee. Op de website worden probleemvragen toegelicht door middel van online videos en er is een forum waar verder gepraat kan worden. Wanneer een idee als waardevol wordt beschouwd dan wordt de bedenker uitgenodigd om in samenwerking met professionals het idee verder uit te werken.
Tenslotte een voorbeeld uit de financiële sector: ABN Amro Blackboard. Op deze online community site kunnen gebruikers hun suggesties over de diensten van de bank kwijt. Andere gebruikers kunnen suggesties belonen met een cijfer waardoor er een lijst ontstaat met meest populaire suggesties.

Afbeelding 6: ABN Amro Blackboard

Op de website zijn ook deskundigen actief die de relevantie van de populaire suggestie beoordelen en eventueel de bedenker uitnodigen voor een vervolggesprek. Ook uit dit voorbeeld blijkt weer dat het mes aan twee kanten snijdt: Organisaties worden op nieuwe ideeën gebracht en klanten voelen zich betrokken bij de organisatie.

Toch zijn er ook partijen die sceptisch zijn tegenover co-creatie. Sommigen vinden de bedrijfstak niet modern genoeg om zich bezig te houden met dergelijke concepten. Anderen willen simpelweg makkelijk te produceren producten maken en zitten helemaal niet te wachten op de mening van klanten. Eén ding is zeker: Het begrip co-creatie wordt steeds populairder en we gaan er nog veel van horen in de nabije toekomst.

Bronnen:

Marketingfacts
Frankwatching

Hoor hier bonkt het nieuwe hart van Rotterdam!

12/02/2010

Hoor hier bonkt het nieuwe hart

Rotterdam is een stad die constant in beweging is. Op sommige plekken valt vanwege het geratel van boormachines nauwelijks een gesprek te voeren. Het stadsgezicht wordt geregeerd door een wirwar van hijskranen en kantoorgebouwen worden als bosjes uit de grond getrokken. Rotterdam is op het gebied van moderne architectuur een toonaangevende stad. Jaarlijks komen honderden buitenlandse studenten hier op bezoek om inspiratie op te doen. Het industriële karakter van deze voormalige arbeidersstad is altijd bewaard gebleven. De combinatie van staal en symmetrisch lijnenspel weerspiegelt de mentaliteit van de Rotterdammers. Met opgestroopte mouwen en een grote mond worden torenhoge ambities gerealiseerd.

Deze mentaliteit is terug te vinden in de slogan die wordt vertoond rond de vele bouwprojecten in de binnenstad. Op grote borden is de volgende tekst te lezen: ‘Hoor hier bonkt het nieuwe hart van Rotterdam’. Deze zin laat mijn gedachten afdwalen naar het bombardement van veertien mei 1944. Op die datum lieten Duitse vliegtuigen een gordijn van bommen vallen waardoor een groot gedeelte van het centrum werd verwoest. De aanval duurde slechts een kwartier maar leverde wel tachtigduizend daklozen op. Deze historische gebeurtenis heeft in grote mate bijgedragen aan het huidige Rotterdam. Arbeiders, ingenieurs en architecten sloegen de handen ineen om de stad weer op de been te helpen.

Momenteel is Rotterdam levendiger dan ooit. Overal waar je kijkt is de creatieve hand van de architect of ontwerper te zien. De muren zijn opgesierd met stukken van bekende dichters en glimmende kantoorgebouwen markeren het zakelijke epicentrum. Het uitgaansleven is bruisend en het is hip om in Rotterdam te wonen. Ik weet niet zeker of ik meer waarde toeken aan de slogan dan de bedenkers eigenlijk bedoelden. Misschien was ik gewoon in een euforische bui. Maar één ding is zeker: Het nieuwe hart bonkt harder dan ooit tevoren!

Wouter Bos wil studenten met schuld opzadelen

03/02/2010

De slager betaalt de studie van de dokter

Onze minister van financiën Wouter Bos en zijn partijgenoot Ronald Plasterk zien het afschaffen van de basisbeurs voor studenten als een bespreekbare optie. Dit houdt in dat het gedeelte van de studiefinanciering dat niet afhankelijk is van het inkomen van je ouders, voortaan een lening zal zijn. Nu is dat sowieso het geval maar wanneer een student binnen tien jaar slaagt, hoeft dit bedrag niet volledig terug betaald te worden. Het argument van Wouter Bos in deze kwestie is als volgt: “Nu betaalt de slager voor de studie van de tandarts”, en “Nederlanders moeten af van hun leenangst”. De PVDA leider noemde het huidige systeem al eerder “een perverse vorm van solidariteit”.

Uit eigen ervaring kan ik vertellen dat de basisbeurs geen vetpot is. Zeker voor studenten met ouders die zelf hard moeten werken voor hun geld, lijkt dit een zeer ongelukkige regeling te gaan worden. Tijdens de studie moet er vaak al veel worden geleend en wanneer de basisbeurs wordt afgeschaft dan zullen de schulden torenhoog op lopen. Het volgen van een studie wordt op deze manier steeds onaantrekkelijker. Is dit een situatie waar de PVDA graag naar toe wil?

Ook ik zie om me heen studenten die “studeren om het studeren”. Wellicht dat deze mensen zich achter de oren gaan krabben of ze inderdaad een studie willen volgens als bezigheidstherapie. Maar ook hardwerkende studenten met talenten en ambities die geen financiële buffer hebben, zullen gebukt gaan onder deze maatregelen. Dat mag in mijn ogen NOOIT gebeuren!

Op verschillende plaatsen in het land is er al geprotesteerd door studenten. Zo werden er in Utrecht, Rotterdam en Amsterdam al collegezalen en gebouwen bezet.

Nieuwe single van virtuele Gorillaz

02/02/2010
tags:

Virtuele multimedia band

Momenteel ben ik aan het luisteren naar de laatste single van de Gorillaz. Deze track is een voorproefje op het nieuwe album dat in maart zal verschijnen. Voor wie deze band niet kent: Het is een virtuele band opgericht door Damon Albarn (zanger bekend van Blur) en Jamie Hewlet (Engelse striptekenaar).
Samen creëerden deze creatieve breinen dit muzikale multimedia-project. De bandleden bestaan uit virtuele karakters en staan op muzikaal gebied garant voor een eclectische sound.
De nieuwe single is een track met veel electro-house invloeden die vocaal wordt ondersteund door Mos Def en Bobby Womack. Soms waan je jezelf in de jaren ’80 door de haast “italo-pop achtige” geluiden, terwijl het soms ook doet denken aan een soulplaat uit de jaren ‘70 in een hip jasje. Kortom, een plaat die niet snel verveelt.

Object Rotterdam 2010

02/02/2010

Beurs voor autonoom design

Deze week vindt van 4 tot 7 februari de internationale beurs voor autonoom design plaats in Rotterdam. Object Rotterdam valt tegelijkertijd plaats met Art Rotterdam. In het Las Palmas gebouw tonen twintig internationale artiesten hun unieke werk in de vorm van objecten uit de wereld van design, crafts en sieraden. Als je houdt van de combinatie van design en beeldende kunst dan is dit een leuke optie. Als je online besteld dan kost een toegangsbewijs voor zowel Art Rotterdam als Object Rotterdam 17,50. Het Las Palmas gebouw is te vinden aan de Wilhelminakade (route: Kop van Zuid).

Journalisten sluiten zich op met Facebook en Twitter

01/02/2010

Zijn online sociale netwerken betrouwbaar?

Vijf Franse journalisten gaan aan den lijve onderzoeken of social networks daadwerkelijk een bedreiging vormen voor traditionele nieuwskanalen. Ze zullen zich een week lang opsluiten in een boerderij zonder televisie, radio of krant. Het enige platform dat gebruikt mag worden voor het vergaren van nieuws zijn online sociale netwerken als Facebook en Twitter. De mobiele telefoons waar gebruik van mag worden gemaakt zijn niet in staat om overige internetpagina’s te bezoeken.

Uit dit onderzoek zal de betrouwbaarheid van alternatieve nieuwsbronnen naar voren komen. Het is ondertussen wel bekend dat nieuws zich gigantisch snel verspreid via Facebook en Twitter. Maar het gevaar van halve- of complete onwaarheden, is ook aanwezig. De deelnemers zijn in dienst van een Frans radiostation. Op dit station zal het vergaarde nieuws vergeleken worden met de nieuwsberichten uit traditionele bronnen.

Bron: MSN News

Twitteren vanuit de ruimte

01/02/2010

One small tweet for a man, one giant tweet for mankind

Sinds twee weken is het voor astronauten van ruimtestation ISS mogelijk om tweets te versturen vanuit de ruimte. Dit gebeurde al eerder maar toen hadden we te maken met e-mails die vanuit het station naar de grond werden gestuurd en vervolgens op Twitter geplaatst. Er ontstond ophef over het feit dat de NASA in eerste instantie verzwegen zou hebben dat het hier ging om indirecte tweets. Nu zijn (na een software update) de laptops van de astronauten uitgerust met een WIFI verbinding waardoor ze in staat zijn rechtstreeks te Twitteren met de aarde.

Astronaut TJ Creamer is de eerste mens die direct vanuit de ruimte een bericht in de ‘Twitterverse’ heeft geslingerd. Hij omschreef deze gebeurtenis als “one small tweet for a man, one giant tweet for mankind”. Of deze gebeurtenis net zoveel ophef zal veroorzaken als de eerste maanvlucht is nog te bezien. We wachten rustig af tot de complottheorieën op gang komen.

www.MIDDENINROTTERDAM.nl

29/01/2010

D66 doet hip op internet

Vorige week heeft politieke partij D66 laten zien dat het een vooruitstrevende blik heeft op het voeren van campagne. In het Rotterdamse Feyenoord werd een platform gelanceerd dat gebruikt maakt van Google maps. Bezoekers kunnen op deze webpagina een digitale plattegrond bekijken waarbij allerlei bijzondere plekken zijn gemarkeerd met een informatiemarker. Wanneer men op deze markers klikt, verschijnt er een informatieve tekst die de visie van D66 omtrent deze plekken weergeeft. Op deze manier is onder meer te ontdekken dat D66 zich wil inzetten voor meer cultuureducatie en beter sportfaciliteiten voor de jeugd.

Met dit initiatief toont D66 zich een partij die mee gaat met de moderne tijd. Het is een leuke en laagdrempelige manier om meer te weten te komen over de standpunten van deze partij. Alleen lijkt een klein berichtje op de voorpagina van ‘De Havenloods’ (de plaatselijke krant van deelgemeente Kralingen-Crooswijk) mij persoonlijk niet voldoende publiciteit om een doelgroep te bereiken die daadwerkelijk gebruikt maakt van dergelijke internetdiensten. Check het zelf.

Workshop Social Networks

24/01/2010

Als onderdeel van het vak digitale media hebben ikzelf en drie medestudenten een workshop ontwikkeld en uitgevoerd. Zelf heb ik vooral het theoretische deel voor mijn rekening genomen. De content heb ik grotendeels gehaald uit een door mezelf geschreven artikel die hier onder is te lezen:

Wat is eigenlijk een online social network?
Een social network is een netwerk van mensen die elkaar kennen. Ook bedrijven of instellingen die vaak samenwerken vallen onder het begrip ‘netwerk’. Dit artikel is gericht op de ‘online’ variant hiervan. Enkele voorbeelden van populaire online netwerken zijn: Facebook, Hyves en LinkedIn. Ook videosite Youtube kan gezien worden als een online sociaal netwerk. Een online sociaal netwerk is een online service die personen de mogelijkheid biedt om een (semi) publiekelijk profiel aan te maken. Het is mogelijk om een contactenlijst van andere gebruikers toe te voegen aan je persoonlijke profiel. Daarnaast kun je ook de profielen en contactenlijsten van de gebruikers uit je contactenlijst inzien en de personen eventueel toevoegen aan je eigen contactenlijst. Wanneer een service aan deze eisen voldoet kun je spreken van een online sociaal netwerk.

Network of community?
Een sociaal netwerk bestaat uit relatief losse contacten, wanneer er sprake is van een sterke verbinding spreken we van een ‘community’. Het verschil tussen deze twee begrippen is het gegeven dat een netwerk meestal bestaat uit personen met elk hun eigen opvattingen en meningen. Een community bestaat vooral uit personen die gelijkgestemd zijn, vaak is dit een gedeelde hobby of interesse.
Momenteel is ruim vier van de tien Nederlanders lid van één of meer sociale netwerken. Hyves is hierbij het meest populair (24% in 2008). Op een goede tweede plaats staat het virtuele, zakelijke netwerk LinkedIn met meer dan een miljoen leden. Een groot gedeelte van de Nederlanders (17%) is lid van meer dan één online sociaal netwerk.

Privé of professioneel?
Vanuit het perspectief van de deelnemer zijn er twee manieren om gebruik te maken van een online netwerk, namelijk; privé of professioneel. Voorbeelden van social networks die vooral voor privé doeleinden worden gebruikt zijn Hyves, MySpace en Facebook. Deze services worden voornamelijk ingezet door jongeren in de leeftijdscategorie 18-30. Binnen deze generatie begint e-mail steeds meer terrein te verliezen aan social media als communicatietool. Bekende voorbeelden van social networks die professioneel worden gebruikt zijn LinkedIn en Twitter. Deze services lenen zich uitstekend voor het uitbreiden van een zakelijk netwerk en het overbrengen van informatie.

Social network als marketingtool?
De opkomst van social networks heeft ook gezorgd voor grote veranderingen in het marketinglandschap. Consumenten hebben bijvoorbeeld meer voorkennis gekregen van trends en producten. Ook is er steeds meer de wens om het dialoog aan te gaan met adverteerders. Om deze reden denkt ruim 80% van de marketeers er aan om iets met social media te gaan doen. Slechts 40% van deze marketeers is zelf lid van een sociaal netwerk. Toch is het zeer belangrijk om eerst de wereld te verkennen waarin je jezelf als marketeer wilt begeven. Dit is de enige manier om de doelgroep te lokaliseren en een goede strategie te formuleren. Voor het kiezen van een strategie binnen social networks zijn een aantal objectives bedacht: In de eerste plaats is het belangrijk om te luisteren naar de mening van potentiële klanten. De inzichten van je klanten kunnen essentieel zijn in het creëren van kansen. Aan de hand hiervan kun je de toon bepalen van de content die je wilt verspreiden over je eigen bedrijf. De eerste dertig tot negentig dagen is het niet verstandig om content te verspreiden die direct refereert aan je bedrijf (het vertrouwen van de klant moet eerst worden gewonnen). In een later stadium kun je er voor kiezen om trouwe/loyale klanten voor je te laten werken in de verkoop of het online verspreiden van informatie. Daarnaast is het belangrijk om je klanten te ondersteunen in het oplossen van elkaars problemen. Uiteindelijk kun je klanten zelfs direct betrekken bij het opereren van je bedrijf.

Het gezicht van je bedrijf
Wanneer een bedrijf besluit om actief te zijn binnen een sociaal netwerk is het in veel gevallen aan te raden om te kiezen voor een brand ambassador. Deze vertegenwoordiger wordt hiermee het gezicht van je bedrijf. Bij het ontbreken van een brand ambasador is het aan te raden om een avatar te kiezen waarmee alle betrokkenen van een bedrijf publiceren binnen een netwerk. Hierdoor ontstaat herkenbaarheid.

Information overload
Het huidige sociale landschap heeft zowel voordelen als nadelen. Doordat informatie op grote schaal wordt gedeeld kunnen nieuwe ideeën en inzichten worden geboren (massacommunicatie = massainnovatie). Een nadeel van de huidige gang van zaken is de enorme hoeveelheid van informatie. Iedereen kan schrijven wat hij/zij wil. Om deze reden is het relatief moeilijk om de gewenste doelgroep te bereiken.

Wie maken gebruik van social networks?
De verschillende generaties die gebruik maken van online sociale netwerken zijn als volgt onderverdeeld:

-Tieners (12-17)
-Jeugd (18-21)
-Generatie Y (22-26)
-Generatie X (27-40)
-Jonge boomers (41-50)
-Oudere boomers (51-61)
-Senioren (62+)

Binnen deze verschillende generaties zijn de volgende soorten gebruikers te onderscheiden:

-Creators (schrijvers/oprichters)
-Critics (reageren op content)
-Collectors (gebruiken vooral RSS)
-Joiners (actieve deelname social media)
-Spectators (“kijken” vooral)
-Inactives (ongevoelig voor social media)

De snelst groeiende groep gebruikers van social networks is de leeftijdscategorie 35-40 (generatie X). Ook de groep jonge boomers wordt steeds actiever.

Terugverdieneffect social networks
Op een aantal uitzonderingen na is de advertentiemarkt binnen online sociale netwerken niet zo rendabel als verwacht. In 2008 werd dan ook 14% minder geld uitgegeven aan advertenties binnen social media dan vooraf was voorspeld. Toch zijn er voorbeelden van zeer succesvolle campagnes met een positief ROI (return of investment). In de volgende promotievideo zijn een aantal feiten op een rij gezet:

Veranderingen in de nabije toekomst?
Eén van de belangrijkste veranderingen voor de nabije toekomst lijkt “defriending/denetworking” te gaan worden. Na het verzamelen van zoveel mogelijk contacten en sociale netwerken is het nu tijd om na te gaan wie van je contacten echt rendabel zijn. Als gevolg hier van zal ook een nieuwe generatie netwerken ontstaan die zich meer richt op de niches. In 2009 is ook duidelijk zichtbaar geworden dat steeds meer netwerken integreren met elkaar. Er zal een gevecht ontstaan om de identiteit: “Welk netwerk wordt de leider?”. Ook zal er een strijd ontstaan wie het sterkste mobiele sociale netwerk gaat worden.

Bronnen:

Voor het schrijven van dit artikel zijn cijfers en feiten gebruikt uit het ‘Marketingfacts Jaarboek 2009’. Een compleet jaaroverzicht in pocketformaat dat zeer de moeite waard is om aan te schaffen:

Marketingfacts Jaarboek 2009

De promotievideo in het artikel is afkomstig van ‘Socialnomics’ en is bedoeld ter promotie van het gelijknamige boek:

Socialnomics the book

Bijzondere reclamecampagnes: Deel 2

22/01/2010

Vang de Gingerbread man

Dit is een geweldige online video campagne voor telefoonmaatschappij Koodo Mobile uit Canada. Er is gebruik gemaakt van Youtube annotations. Simpel gezegd kunnen hiermee verschillende video’s aan elkaar gekoppeld worden door het plaatsen van links in de video. Op deze manier worden online video’s interactief en dat biedt een scala aan frisse mogelijkheden. Bekijk dit geweldige voorbeeld! Kun jij de Gingerbread man vangen?

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.